We leren Robin Corbee in 2008 kennen als ‘het meisje van de Duinstreek’ waar ze ruim 10 jaar columns schreef. Nu kennen we haar als De Rijdende Columnist en plaatst ze haar columns bij Schoorl Community, waar ze ons wekelijks op de hoogte houdt van haar avonturen, samen met haar hulphond Bindi.

Comments Box SVG iconsUsed for the like, share, comment, and reaction icons

De Rijdende Columnist Schrijft:

Doorgeefboek

Wordt het fysieke boek met uitsterven bedreigd? Ik durf het haast niet te zeggen, maar ik ben bang van wel. Boeken zijn niet meer zo populair als vroeger en deze tweede lockdown helpt ook niet mee: boekhandels zijn hun inkomsten kwijt. Schrijvers roepen hun lezers via social media op om hun favoriete boek bij hun boekhandel te bestellen, maar ik weet niet of dit gaat helpen.
Ik moet toegeven dat ik zelf nog maar zelden een boek bestel. Dat hoeft vaak niet als je een luisterbieb op zak hebt. Toch puilen mijn echte boekenkasten nog steeds uit, daarom heeft mijn moeder mij een tijdje geleden geholpen met het uitruimen van de kasten: welke verhalen zijn blijvertjes en welke mogen weg? Dat leverde wel twee grote stapels op, maar wat doe je daar vervolgens mee? Boeken weggooien vind ik zonde, meestal geef ik ze door aan een volgende lezer. Maar ik heb niet zoveel lezers in mijn vriendenkring en diegenen die dat wel zijn, hebben meestal dezelfde boeken in hun boekenkast staan.
Een minibieb is ook een prima manier om boeken een tweede leven te geven, winkelcentrum Middenwaard heeft er eentje voor kinderen. Ik heb er wel eens over nagedacht om een paar van mijn boeken daarheen te brengen, totdat ik zag wat er met die boeken gebeurde. Naast die minibieb zit Bagels & Beans en ik zat net van mijn bagel te genieten, toen ik een prentenboek voor mijn wielen zag liggen: zijn bladzijden gescheurd en zijn rug geknakt. Ik had direct geen trek meer, zette Storytel aan en ging naar huis.
Mijn lezers weten dat ik verslaafd ben aan Storytel, betekent dit dat er helemaal geen nieuwe boeken mijn huis meer binnenkomen? Absoluut niet! Voor Kerstmis mocht ik van Sintjin een boekenserie uitkiezen en ik koos voor vijf boeken van Rick Riordan, een van mijn favoriete schrijvers. Toen ze binnenkwamen, kon ik niet stilzitten van enthousiasme, iets wat Sintjin erg leuk vond om te zien. Boeken waarvan ik weet dat ik ze meer dan een keer ga lezen, koop ik nog wel en ik hoop dat meer mensen dit doen, zo blijven de boekhandels hopelijk overeind.
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Neem dan een kijkje op: Robin Corbee Schrijft
... Bekijk meerBekijk minder

6 dagen geleden

De Rijdende Columnist Schrijft:

Doorgeefboek 

Wordt het fysieke boek met uitsterven bedreigd? Ik durf het haast niet te zeggen, maar ik ben bang van wel. Boeken zijn niet meer zo populair als vroeger en deze tweede lockdown helpt ook niet mee: boekhandels zijn hun inkomsten kwijt. Schrijvers roepen hun lezers via social media op om hun favoriete boek bij hun boekhandel te bestellen, maar ik weet niet of dit gaat helpen.
Ik moet toegeven dat ik zelf nog maar zelden een boek bestel. Dat hoeft vaak niet als je een luisterbieb op zak hebt. Toch puilen mijn echte boekenkasten nog steeds uit, daarom heeft mijn moeder mij een tijdje geleden geholpen met het uitruimen van de kasten: welke verhalen zijn blijvertjes en welke mogen weg? Dat leverde wel twee grote stapels op, maar wat doe je daar vervolgens mee? Boeken weggooien vind ik zonde, meestal geef ik ze door aan een volgende lezer. Maar ik heb niet zoveel lezers in mijn vriendenkring en diegenen die dat wel zijn, hebben meestal dezelfde boeken in hun boekenkast staan.
Een minibieb is ook een prima manier om boeken een tweede leven te geven, winkelcentrum Middenwaard heeft er eentje voor kinderen. Ik heb er wel eens over nagedacht om een paar van mijn boeken daarheen te brengen, totdat ik zag wat er met die boeken gebeurde. Naast die minibieb zit Bagels & Beans en ik zat net van mijn bagel te genieten, toen ik een prentenboek voor mijn wielen zag liggen: zijn bladzijden gescheurd en zijn rug geknakt. Ik had direct geen trek meer, zette Storytel aan en ging naar huis.
Mijn lezers weten dat ik verslaafd ben aan Storytel, betekent dit dat er helemaal geen nieuwe boeken mijn huis meer binnenkomen? Absoluut niet! Voor Kerstmis mocht ik van Sintjin een boekenserie uitkiezen en ik koos voor vijf boeken van Rick Riordan, een van mijn favoriete schrijvers. Toen ze binnenkwamen, kon ik niet stilzitten van enthousiasme, iets wat Sintjin erg leuk vond om te zien. Boeken waarvan ik weet dat ik ze meer dan een keer ga lezen, koop ik nog wel en ik hoop dat meer mensen dit doen, zo blijven de boekhandels hopelijk overeind. 
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Neem dan een kijkje op: Robin Corbee Schrijft

Reactie op Facebook

Ik heb ook een mini bieb staan , achter ons huis ( Catrijp ) er wordt heel veel gebruik van gemaakt !

Ik ook! Vet fijn die boeken kastjes overal ❤️

Oh, ik moet er niet aan denken dat boeken zullen verdwijnen. Ik houd er van aan boeken te snuffelen, ze te voelen, de kaft te bekijken, de achterzijde te lezen enz... In Schoorl zijn diverse boekenkast waar je boeken kunt inleveren en kunt lenen. Ik breng en haal er regelmatig

Ik denk inderdaad dat het fysieke boek gaat verdwijnen, ik lees veel, niet te betalen als ik dat allemaal moet kopen. Daarom lees ik digitaal bij de bibliotheek.

Ik heb je een pb gestuurd.

View more comments

De Rijdende Columnist Schrijft:

Wielafdruk

Ergens een permanente afdruk achterlaten, is nog een hele kunst. Toch heb ik dat gedaan. Ik ben creatief geweest, want ik heb het niet over een hand of voetafdruk in het gips, maar een wielspoor in de vloer. Niet bij mij thuis, maar op het werk.
Het gebeurde in de keuken van het TCA. Ik had gewoon te veel spullen op mijn blad. Lees: een tas met een broodtrommel, pakje melk, een appel en een 1 literfles. Ik had een kleiner tasje om mijn nek, waar ik mijn mobiele telefoon en iPod in had gepropt en dan slingerde mijn koptelefoon ook nog ergens rond. Ziet u nu een pakezel voor zich? Mooi, dat is het juiste beeld. Ik geef mijn koptelefoon de schuld, die stootte tegen mijn besturingspookje, waardoor mijn rolstoel in volle vaart vooruitschoot.
Ik knalde tegen de keukenkastjes en mijn banden maakten zo’n hoog, jankend geluid, dat al mijn collega’s kwamen kijken wat er loos was. ‘Niets aan de hand’, zei ik met een rood hoofd en maakte dat ik wegkwam. Pas later zag ik dat ik de vloer echt had beschadigd.
Drie jaar lang heeft iedereen naar de afdruk van mijn wiel kunnen kijken. De schaamte zakte weg en al snel kon ik er om lachen. Als ik het TCA ooit definitief verliet, bleef er tenminste iets van mij achter. Dat dacht ik, maar niets is voor eeuwig, want deze week wordt de keuken van het TCA verbouwd. Weg wielafdruk.
Toen ik van de geplande verbouwing hoorde, speelde er opnieuw een glimlach rond mijn lippen. Ergens voelt het ook symbolisch, want ik heb besloten om op zoek te gaan naar een nieuw avontuur, zodra de coronacrisis ten einde is.
Ik ben nu negen weken niet op het TCA geweest en moet concluderen dat ik het niet mis. Ik mis reuring in mijn leven, maar niet de reuring daar. Ik ga binnenkort wel weer terug, maar ik weet dat het niet definitief zal zijn. Dankzij het op doen van werkervaring als receptioniste, weet ik dat ik meer kan, dat ik meer wil. Maar niet meer achter een balie.
Zodra het kan, trek ik mijn mantel voor hulpjuf weer aan.
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Neem dan een kijkje op Robin Corbee Schrijft
... Bekijk meerBekijk minder

2 weken geleden

De Rijdende Columnist Schrijft:

Wielafdruk 

Ergens een permanente afdruk achterlaten, is nog een hele kunst. Toch heb ik dat gedaan. Ik ben creatief geweest, want ik heb het niet over een hand of voetafdruk in het gips, maar een wielspoor in de vloer. Niet bij mij thuis, maar op het werk.
Het gebeurde in de keuken van het TCA. Ik had gewoon te veel spullen op mijn blad. Lees: een tas met een broodtrommel, pakje melk, een appel en een 1 literfles. Ik had een kleiner tasje om mijn nek, waar ik mijn mobiele telefoon en iPod in had gepropt en dan slingerde mijn koptelefoon ook nog ergens rond. Ziet u nu een pakezel voor zich? Mooi, dat is het juiste beeld.  Ik geef mijn koptelefoon de schuld, die stootte tegen mijn besturingspookje, waardoor mijn rolstoel in volle vaart vooruitschoot.
Ik knalde tegen de keukenkastjes en mijn banden maakten zo’n hoog, jankend geluid, dat al mijn collega’s kwamen kijken wat er loos was. ‘Niets aan de hand’, zei ik met een rood hoofd en maakte dat ik wegkwam. Pas later zag ik dat ik de vloer echt had beschadigd.
Drie jaar lang heeft iedereen naar de afdruk van mijn wiel kunnen kijken. De schaamte zakte weg en al snel kon ik er om lachen. Als ik het TCA ooit definitief verliet, bleef er tenminste iets van mij achter. Dat dacht ik, maar niets is voor eeuwig, want deze week wordt de keuken van het TCA verbouwd. Weg wielafdruk.
Toen ik van de geplande verbouwing hoorde, speelde er opnieuw een glimlach rond mijn lippen. Ergens voelt het ook symbolisch, want ik heb besloten om op zoek te gaan naar een nieuw avontuur, zodra de coronacrisis ten einde is.
Ik ben nu negen weken niet op het TCA geweest en moet concluderen dat ik het niet mis. Ik mis reuring in mijn leven, maar niet de reuring daar. Ik ga binnenkort wel weer terug, maar ik weet dat het niet definitief zal zijn. Dankzij het op doen van werkervaring als receptioniste, weet ik dat ik meer kan, dat ik meer wil. Maar niet meer achter een balie.
Zodra het kan, trek ik mijn mantel voor hulpjuf weer aan. 
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Neem dan een kijkje op Robin Corbee Schrijft

De Rijdende Columnist Schrijft:

Schrijfster

Wat is het gênantste moment na Oud & Nieuw? Juist, de kater. Niet dat ik daar verstand van heb, ik drink niet. Maar er zijn genoeg momenten waarop ik wens dat ik zelf naar de wc kan rennen, zoals na tweede kerstdag. Ik had iets verkeerds gegeten en twijfelde langs welke weg het weer naar buiten zou komen, dus zat ik op de wc, met een teiltje onder mijn kin.
De mensen van de zorg weten hoe vreselijk ik dit soort momenten vind en dus komen ze stilletjes binnen. Niet deze keer, deze keer kwam er een man van de nacht binnen met een enorme grijns op zijn gezicht. Laat ik hem Peter noemen.
Ik mag Peter graag, hij doet me aan mijn vader denken. Hij had het helemaal bij mij genaakt toen hij fan van Game of Thrones bleek te zijn. ‘Heb je de boeken gelezen?’, vroeg ik hem.
‘Nee’, zei hij spijtig, ‘ik heb al jaren niet genoeg rust in mijn kop om te lezen.’
‘Ik heb een boek gekocht’, zei hij nu tegen me.
‘Oh.’ Misschien kwam het doordat ik hem het teiltje aangaf – leeg, goddank- maar de reden waarom hij mij dit vertelde, ontging me.
Peter, duidelijk teleurgesteld door mijn gebrekkige reactie, probeerde het opnieuw. ‘Het is een columnbundeling.’
‘Aha.’
‘Volgens mij ken je de schrijfster.’
Nu viel het kwartje. ‘Wacht even, je hebt mijn boek gekucht?’
‘Ja!’ Peter is ergens in de vijftig, maar op het moment dat hij dat zei, leek hij een jonge jongen. Stralend, omdat hij zijn favoriete cadeau heeft gekregen.
Zijn vrolijkheid werkte aanstekelijk en ondanks dat ik nog steeds misselijk was en mijn maag rondtolde, lachte ik met hem mee. ‘Waarom?’
‘Waarom? Omdat je zo mooi kunt vertellen, dus weet ik ook zeker dat jij mooi kunt schrijven.’
Ik voelde mijn wangen warm worden. ‘Ik schrijf al een hele tijd niet meer. Behalve één column per week. Ik weet niet of ik mezelf nog een schrijver mag noemen.’
‘Dat denk ik wel, je schrijft toch nog?’ Peter trok mijn dekbed recht en opnieuw zag ik die grijns op zijn gezicht. ‘Ik ken gewoon een echte schrijfster, dat vind ik echt tof! Slaap lekker.’
Lang nadat hij weg was, had ik nog steeds diezelfde grijns op mijn gezicht. Veel mensen hebben meer vertrouwen in mijn schrijftalent dan ik.
Misschien komt het door de lieve woorden van Peter, maar vanaf dat moment schrijf ik iedere dag. Soms lang, soms kort, soms schrijf ik een column, soms iets anders. Ik schrijf in ieder geval weer. Het voelt een beetje onwennig, als een dans waarvan de passen ver zijn weggezakt, maar ik merk dat ik ze nog wel ken. Het voelt goed, wie weet wat dit jaar mij brengen zal.
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Robin Corbee Schrijft 🙂
... Bekijk meerBekijk minder

3 weken geleden

De Rijdende Columnist Schrijft:

Schrijfster 

Wat is het gênantste moment na Oud & Nieuw? Juist, de kater. Niet dat ik daar verstand van heb, ik drink niet. Maar er zijn genoeg momenten waarop ik wens dat ik zelf naar de wc kan rennen, zoals na tweede kerstdag. Ik had iets verkeerds gegeten en twijfelde langs welke weg het weer naar buiten zou komen, dus zat ik op de wc, met een teiltje onder mijn kin.
De mensen van de zorg weten hoe vreselijk ik dit soort momenten vind en dus komen ze stilletjes binnen. Niet deze keer, deze keer kwam er een man van de nacht binnen met een enorme grijns op zijn gezicht. Laat ik hem Peter noemen.
Ik mag Peter graag, hij doet me aan mijn vader denken. Hij had het helemaal bij mij genaakt toen hij fan van Game of Thrones bleek te zijn. ‘Heb je de boeken gelezen?’, vroeg ik hem.
‘Nee’, zei hij spijtig, ‘ik heb al jaren niet genoeg rust in mijn kop om te lezen.’
‘Ik heb een boek gekocht’, zei hij nu tegen me.
‘Oh.’ Misschien kwam het doordat ik hem het teiltje aangaf – leeg, goddank- maar de reden waarom hij mij dit vertelde, ontging me.
Peter, duidelijk teleurgesteld door mijn gebrekkige reactie, probeerde het opnieuw. ‘Het is een columnbundeling.’
‘Aha.’
‘Volgens mij ken je de schrijfster.’
Nu viel het kwartje. ‘Wacht even, je hebt mijn boek gekucht?’
‘Ja!’ Peter is ergens in de vijftig, maar op het moment dat hij dat zei, leek hij een jonge jongen. Stralend, omdat hij zijn favoriete cadeau heeft gekregen.
Zijn vrolijkheid werkte aanstekelijk en ondanks dat ik nog steeds misselijk was en mijn maag rondtolde, lachte ik met hem mee. ‘Waarom?’
‘Waarom? Omdat je zo mooi kunt vertellen, dus weet ik ook zeker dat jij mooi kunt schrijven.’
Ik voelde mijn wangen warm worden. ‘Ik schrijf al een hele tijd niet meer. Behalve één column per week. Ik weet niet of ik mezelf nog een schrijver mag noemen.’
‘Dat denk ik wel, je schrijft toch nog?’ Peter trok mijn dekbed recht en opnieuw zag ik die grijns op zijn gezicht. ‘Ik ken gewoon een echte schrijfster, dat vind ik echt tof! Slaap lekker.’
Lang nadat hij weg was, had ik nog steeds diezelfde grijns op mijn gezicht. Veel mensen hebben meer vertrouwen in mijn schrijftalent dan ik. 
Misschien komt het door de lieve woorden van Peter, maar vanaf dat moment schrijf ik iedere dag. Soms lang, soms kort, soms schrijf ik een column, soms iets anders. Ik schrijf in ieder geval weer. Het voelt een beetje onwennig, als een dans waarvan de passen ver zijn weggezakt, maar ik merk dat ik ze nog wel ken. Het voelt goed, wie weet wat dit jaar mij brengen zal.
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Robin Corbee Schrijft :)

Reactie op Facebook

Ga zo door!!

Wat een mooi verhaal weer. Blijf schrijven want je bent er erg goed in.

De Rijdende Columnist Schrijft:

Herkansing

Ik ben verwend met kerst dit jaar, want ik kreeg geen twee kerstdagen, maar vijf. Een midweek vol kerstkransjes, zwijmelfilms en warme knuffels. Nee, ik had niets te klagen, maar stiekem had ik nog een grote wens. Een kerst met de complete roedel: ik, Taeke, Sintjin en Bindi. De wens was ook bijna realiteit, want André en Diane zouden een paar dagen weggaan en dan was Bindi’s thuis weer even het mijne. Tot de tweede lockdown roet in het eten gooide.
Sintjin zag het probleem niet. ‘Waarom vraag je niet of Bindi alsnog hier kan komen? Al is het maar voor een dagje, dan weten we direct of we het redden met twee honden, als ze echt weggaan.’
‘Dat kan ik toch niet doen?’, wierp ik tegen. ‘Ik hoor mezelf al: zeg André, ik weet dat jullie vakantie niet doorgaat, maar toch zou ik mijn oude hond weer even terug willen hebben, mag dat?’
‘Je doet te moeilijk, Robin. Als je het hen vraagt en uitlegt waarom, vinden ze dat heus wel…’
‘Het antwoord is nee! Ik doe het niet, discussie gesloten, ik ga Taeke uitlaten.’
Verhit liet ik een koude wind mijn wangen afkoelen, toen mijn mobiel trilde. André: Bindi wil graag evengoed een nachtje komen logeren als dat mag en als jullie dat leuk vinden. Is Sintjin nog steeds vrij komende week?
Sintjin wist direct dat er iets was, toen ik met een enorme grijns op mijn gezicht, terugkwam van onze wandeling. ‘Wat is er?’ Mijn grijns werd de zijne, toen hij zag wat André had gestuurd. ‘Ik zei het toch?’
Woensdag werd Bindi gebracht. Ze nestelde zich meteen tegen mijn stoel aan, terwijl Taeke vanaf de poef nieuwsgierig toekeek. ‘Alsof mevrouw nooit is weggeweest’, fluisterde ik, bang om het moment te verbreken.
Zo ben ik anderhalf uur blijven zitten genieten, totdat het tijd was om het stel uit te laten. Samen de honden uitlaten is iets wat Sintjin en ik nog nooit hadden gedaan, maar het ging goed. Hij met Bindi, ik met Taeke.
Toen voelde ik Sintjin achter me rommelen met mijn hoofdsteun. ‘Wat ben je aan het doen?’
‘Niets. Blijf gewoon rijden.’ Dus deed ik dat, totdat ik een bekend klikgeluid hoorde. Had hij een foto gemaakt? Waarvan? En waarom hield Sintjin mijn rugleuning niet langer vast?
‘Je laat nu twee honden uit’, hoorde ik Sintjin van een afstandje zeggen.
‘Wat?’ Ik stond stil en keek naar Taeke en Bindi. Ze stonden naast elkaar en keken verbaasd terug.
Stralend kwam Sintjin weer achter me staan. ‘Nu weten we dat jij twee honden tegelijk uit kunt laten als het moet.’
Dit bijzondere moment en nog veel meer, hebben we vastgelegd op camera. Als 2020 mij iets heeft geleerd, is het dat geluk verborgen zit in de kleine dingen. Zelfs om die stortbui laat in de nacht, hebben Sintjin en ik gelachen.
Kerst vorig jaar was een drama, omdat ik vermoedde dat Bindi artrose had en dat onze tijd samen, op zijn eind kwam. Ik baalde dat ik niet van onze laatste kerst samen kon genieten, wilde een herkansing en dankzij André en Diane heb ik die gekregen. Dank jullie wel.
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Neem dan een kijkje op mijn pagina: Robin Corbee Schrijft
... Bekijk meerBekijk minder

4 weken geleden

De Rijdende Columnist Schrijft:

Herkansing 

Ik ben verwend met kerst dit jaar, want ik kreeg geen twee kerstdagen, maar vijf. Een midweek vol kerstkransjes, zwijmelfilms en warme knuffels. Nee, ik had niets te klagen, maar stiekem had ik nog een grote wens. Een kerst met de complete roedel: ik, Taeke, Sintjin en Bindi. De wens was ook bijna realiteit, want André en Diane zouden een paar dagen weggaan en dan was Bindi’s thuis weer even het mijne. Tot de tweede lockdown roet in het eten gooide.
Sintjin zag het probleem niet. ‘Waarom vraag je niet of Bindi alsnog hier kan komen? Al is het maar voor een dagje, dan weten we direct of we het redden met twee honden, als ze echt weggaan.’
‘Dat kan ik toch niet doen?’, wierp ik tegen. ‘Ik hoor mezelf al: zeg André, ik weet dat jullie vakantie niet doorgaat, maar toch zou ik mijn oude hond weer even terug willen hebben, mag dat?’
‘Je doet te moeilijk, Robin. Als je het hen vraagt en uitlegt waarom, vinden ze dat heus wel…’
‘Het antwoord is nee! Ik doe het niet, discussie gesloten, ik ga Taeke uitlaten.’ 
Verhit liet ik een koude wind mijn wangen afkoelen, toen mijn mobiel trilde. André: Bindi wil graag evengoed een nachtje komen logeren als dat mag en als jullie dat leuk vinden. Is Sintjin nog steeds vrij komende week?
Sintjin wist direct dat er iets was, toen ik met een enorme grijns op mijn gezicht, terugkwam van onze wandeling. ‘Wat is er?’ Mijn grijns werd de zijne, toen hij zag wat André had gestuurd. ‘Ik zei het toch?’
Woensdag werd Bindi gebracht. Ze nestelde zich meteen tegen mijn stoel aan, terwijl Taeke vanaf de poef nieuwsgierig toekeek. ‘Alsof mevrouw nooit is weggeweest’, fluisterde ik, bang om het moment te verbreken. 
Zo ben ik anderhalf uur blijven zitten genieten, totdat het tijd was om het stel uit te laten. Samen de honden uitlaten is iets wat Sintjin en ik nog nooit hadden gedaan, maar het ging goed. Hij met Bindi, ik met Taeke. 
Toen voelde ik Sintjin achter me rommelen met mijn hoofdsteun. ‘Wat ben je aan het doen?’
‘Niets. Blijf gewoon rijden.’ Dus deed ik dat, totdat ik een bekend klikgeluid hoorde. Had hij een foto gemaakt? Waarvan? En waarom hield Sintjin mijn rugleuning niet langer vast?
‘Je laat nu twee honden uit’, hoorde ik Sintjin van een afstandje zeggen.
‘Wat?’ Ik stond stil en keek naar Taeke en Bindi. Ze stonden naast elkaar en keken verbaasd terug. 
Stralend kwam Sintjin weer achter me staan. ‘Nu weten we dat jij twee honden tegelijk uit kunt laten als het moet.’
Dit bijzondere moment en nog veel meer, hebben we vastgelegd op camera. Als 2020 mij iets heeft geleerd, is het dat geluk verborgen zit in de kleine dingen. Zelfs om die stortbui laat in de nacht, hebben Sintjin en ik gelachen.
Kerst vorig jaar was een drama, omdat ik vermoedde dat Bindi artrose had en dat onze tijd samen, op zijn eind kwam. Ik baalde dat ik niet van onze laatste kerst samen kon genieten, wilde een herkansing en dankzij André en Diane heb ik die gekregen. Dank jullie wel.
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Neem dan een kijkje op mijn pagina: Robin Corbee Schrijft

Reactie op Facebook

Wat geweldig en ontroerend 💖

Wat een prachtig stukje weer. Echt heel mooi om te lezen.

Wat een prachtig verhaal!Boeiend !

Wat fijn

fijn dat je dit nog kan doen herhaling vatbaar

View more comments

De Rijdende Columnist Schrijft:

Een slaperige held

Stel, je ligt op de bank lekker te relaxen, als de telefoon gaat. Hij ligt niet binnen handbereik, dus je wilt opstaan om hem te pakken, als je merkt dat jouw benen dienst weigeren. Je bent alleen thuis en hebt geen andere manier om alarm te slaan, wat voel je op zo’n moment? Als ‘paniek’ het eerste is wat in je opkomt, weet je hoe ik me voel als mijn rolstoel het opeens niet meer doet.
Ik heb geen bank in huis, maar ik heb wel een rolstoel die ik in de relaxstand kan zetten. Als ik mijn zitting achterover kantel, lig ik meer dan dat ik zit. Het nadeel is wel dat als ik dat doe, ik niet meer bij de knoppen van mijn besturingskastje kan. Dat is geen probleem, als ik niet langer dan twintig minuten in deze houding blijf zitten. Doe ik dat wel, dan valt mijn rolstoel uit en kan ik geen kant meer op. Als een schildpad die op zijn rug is beland en niet meer overeind kan komen. Het is een veiligheidsmaatregel van de fabrikant en ik heb hem nog niet van dit ongemak kunnen overtuigen.
Kan je relaxen als je steeds op de klok moet kijken en elke twintig minuten even moet bewegen? Raar maar waar: het went. Als ik gekanteld een film kijk, hou ik onbewust de tijd bij en beweeg op de juiste momenten. Maar dan moet ik niet in slaap vallen of van een kerstfilm genieten, zoals ik van de week deed. Ik was de tijd helemaal vergeten en keek verschrikt naar het display van mijn besturingskastje. Die was zwart, ik was te laat.
Vloekend ging ik op zoek naar iets wat lang genoeg was om mijn rolstoel weer aan te zetten. De vorige keer dat mij dit overkwam, kon ik met mijn vingertoppen net de afstandsbediening van de tv pakken, maar dat geluk had ik deze keer niet. Ook mijn alarm of telefoon had ik niet bij de hand. Deze schildpad had een probleem.
Ik stond op het punt om in paniek te raken, toen ik Taeke hoorde snurken. De afgelopen tijd had ik het commando ‘Alarm!’ dagelijks met hem geoefend, zodat hij de dames van de zorg op kan roepen als ik dat niet kan. Met succes, maar zou hij het ook doen als ik hem wakker maakte en het menens was?
‘Taeke, alarm.’
Niets, geen enkele reactie, ik had geen idee of hij me had gehoord of niet.
‘Taeke, alarm!’
Stilte, gevolgd door een klik en een stem. ‘Heb je hulp nodig, Robin?’
‘Ja’, riep ik, schor van opluchting, ‘ik kom niet meer overeind. Help.’
Taeke kwam naast me staan om te checken of hij het goed had gedaan. Moeizaam gaf ik hem in mijn liggende houding een aai. ‘Dankjewel, mijn slaperige held.’ Gerustgesteld ging hij terug naar zijn mand en begon weer te snurken. Ik keek naar hem en dacht aan alle moeizame trainingen die naar dit moment hadden geleid. ‘Taeke is misschien niet de snelste leerling’, hoorde ik de hulphondmevrouw in mijn hoofd zeggen, ‘maar als het muntje eenmaal is gevallen, kan jij je geen trouwere hond wensen.’ Ik had het zelf niet beter kunnen zeggen.
Dankzij Taeke durf ik weer in mijn rolstoel te relaxen en dat wens ik jullie ook toe, lieve lezers. Laten we er ondanks alles, een relaxte kerst van maken. Have fun.
Een kus van mij en een vrolijke lik van Taeke.
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Robin Corbee Schrijft
... Bekijk meerBekijk minder

1 maand geleden

De Rijdende Columnist Schrijft:

Een slaperige held

Stel, je ligt op de bank lekker te relaxen, als de telefoon gaat. Hij ligt niet binnen handbereik, dus je wilt opstaan om hem te pakken, als je merkt dat jouw benen dienst weigeren. Je bent alleen thuis en hebt geen andere manier om alarm te slaan, wat voel je op zo’n moment? Als ‘paniek’ het eerste is wat in je opkomt, weet je hoe ik me voel als mijn rolstoel het opeens niet meer doet. 
Ik heb geen bank in huis, maar ik heb wel een rolstoel die ik in de relaxstand kan zetten. Als ik mijn zitting achterover kantel, lig ik meer dan dat ik zit. Het nadeel is wel dat als ik dat doe, ik niet meer bij de knoppen van mijn besturingskastje kan. Dat is geen probleem, als ik niet langer dan twintig minuten in deze houding blijf zitten. Doe ik dat wel, dan valt mijn rolstoel uit en kan ik geen kant meer op. Als een schildpad die op zijn rug is beland en niet meer overeind kan komen. Het is een veiligheidsmaatregel van de fabrikant en ik heb hem nog niet van dit ongemak kunnen overtuigen.
Kan je relaxen als je steeds op de klok moet kijken en elke twintig minuten even moet bewegen? Raar maar waar: het went. Als ik gekanteld een film kijk, hou ik onbewust de tijd bij en beweeg op de juiste momenten. Maar dan moet ik niet in slaap vallen of van een kerstfilm genieten, zoals ik van de week deed. Ik was de tijd helemaal vergeten en keek verschrikt naar het display van mijn besturingskastje. Die was zwart, ik was te laat.
Vloekend ging ik op zoek naar iets wat lang genoeg was om mijn rolstoel weer aan te zetten. De vorige keer dat mij dit overkwam, kon ik met mijn vingertoppen net de afstandsbediening van de tv pakken, maar dat geluk had ik deze keer niet. Ook mijn alarm of telefoon had ik niet bij de hand. Deze schildpad had een probleem. 
Ik stond op het punt om in paniek te raken, toen ik Taeke hoorde snurken. De afgelopen tijd had ik het commando ‘Alarm!’ dagelijks met hem geoefend, zodat hij de dames van de zorg op kan roepen als ik dat niet kan. Met succes, maar zou hij het ook doen als ik hem wakker maakte en het menens was?
‘Taeke, alarm.’
Niets, geen enkele reactie, ik had geen idee of hij me had gehoord of niet.
‘Taeke, alarm!’
Stilte, gevolgd door een klik en een stem. ‘Heb je hulp nodig, Robin?’
‘Ja’, riep ik, schor van opluchting, ‘ik kom niet meer overeind. Help.’
Taeke kwam naast me staan om te checken of hij het goed had gedaan. Moeizaam gaf ik hem in mijn liggende houding een aai. ‘Dankjewel, mijn slaperige held.’ Gerustgesteld ging hij terug naar zijn mand en begon weer te snurken. Ik keek naar hem en dacht aan alle moeizame trainingen die naar dit moment hadden geleid. ‘Taeke is misschien niet de snelste leerling’, hoorde ik de hulphondmevrouw in mijn hoofd zeggen, ‘maar als het muntje eenmaal is gevallen, kan jij je geen trouwere hond wensen.’ Ik had het zelf niet beter kunnen zeggen.
Dankzij Taeke durf ik weer in mijn rolstoel te relaxen en dat wens ik jullie ook toe, lieve lezers. Laten we er ondanks alles, een relaxte kerst van maken. Have fun. 
Een kus van mij en een vrolijke lik van Taeke. 
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Robin Corbee Schrijft

Reactie op Facebook

Prachtig... Fijne dagen en alle goeds voor 2021

Dank je voor dit mooie verhaal en we gaan er zeker een relaxte kerst van maken. Goede dagen en een goed 2021 gewenst.

De Rijdende Columnist Schrijft:

Gemis

Sommige honden zijn heel eenkennig, terwijl andere honden daar totaal geen last van hebben. Bindi valt in die laatste categorie: toen het tijd was om van haar eerste baasje Nora afscheid te nemen, jankte ze even, om daarna vrolijk achter mij aan te rennen. Alsof ze zeggen wilde: mag ik nu met jou mee? Op dat moment was ik zo blij, maar in mijn achterhoofd fluisterde een stemmetje: zal ze ook zo makkelijk met iemand anders meegaan als jij haar zal moeten laten gaan? Het eerlijke antwoord is ja. Toen André Bindi 2 februari definitief kwam ophalen, ging ze zonder enige aarzeling met hem mee, terwijl ik achter de gesloten deur in stukken brak.
In de maanden daarna bleef Bindi even makkelijk: ze vond het leuk om bij mij op visite te gaan, maar ging net zo lief met André weer mee naar huis. Ik zou liegen als ik zei dat dat gemak, niet een beetje stak. Miste ze mij dan helemaal niet?!
De verandering kwam met de komst van Taeke. Ik kreeg van Hulphond Nederland het advies om Bindi en Taeke eerst buiten aan elkaar voor te stellen en om in het daaropvolgende bezoek pas naar binnen te gaan. Zo gezegd, zo gedaan. De kennismaking buiten ging goed, het was pas bij het afscheid dat ik iets van verwarring in Bindi’s ogen zag. Even dacht ik zelfs dat ze naar mij toe wilde in plaats van in André’s auto te springen, maar dat moment was in een flits voorbij.
Taeke hoort al een tijdje bij mij, maar ik denk dat dat kwartje bij Bindi pas viel, toen ze weer bij mij binnenkwam. Nu zag ze die vreemde hond opnieuw, in haar huis. Op een nieuw kleed, maar op haar plek, op haar poef! Wacht eens even, ze was toch niet… vervangen?
Bindi mag dan al een tijdje niet meer bij mij wonen, onze band blijkt nog steeds even sterk. Ik zag het kwartje bij haar vallen en voelde haar pijn. Onzeker keek Bindi van Taeke naar mij en weer terug. Mijn hart brak. ‘Hé, schoonheid. Kom eens hier.’
Dat deed Bindi: moeizaam stond ze op en kwam naast me staan op die manier zoals ze de afgelopen jaren zo vaak had gedaan. Nog even en ik ging zelf huilen, maar dat deed ik niet. In plaats daarvan gaf ik Taeke die er niet-begrijpend naast stond, een aai en zei: ‘Bin, je kent Taeke al, hij doet alles wat jij voor me moest doen, dingen oprapen en zo.’
Ik liet mijn vingers door Bindi’s dikke vacht gaan. ‘Maar dat betekent niet dat jij vervangen bent, zo mag je niet denken. Jij mag gewoon bij André van jouw pensioen genieten en doen waar je zin in hebt. Dat is toch fijn?’
Taeke kwam nieuwsgierig dichterbij en ik liet mijn hand beurtelings over zijn gladde en Bindi’s ruige vacht gaan. ‘Als ik de afgelopen maanden iets geleerd heb, is het dat mijn hart groot genoeg is voor jullie allebei.’
‘Ik denk dat het tijd wordt om te gaan’, zei André zachtjes en hij stond op.
Als afscheid duwde Bindi haar neus nog even tegen mijn hand, alsof ze zeggen wilde: ik heb het fijn, maar ik mis jou ook wel hoor, baas.
Ik mis jou ook, lieve pannenkoek. Nog iedere dag. Niet iedereen begrijpt dat. Je hebt het toch fijn met Taeke?, vragen ze dan als ik dat zeg. Ja, ik heb het heerlijk met Taeke, maar Taeke is Bindi niet. Ik mis Bindi’s aanwezigheid nog steeds en ik vermoed dat dat gemis zal blijven, misschien wel voor altijd. Ergens vind ik dat ook wel mooi, het bewijst hoe fijn wij het samen hebben gehad.
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Robin Corbee Schrijft
... Bekijk meerBekijk minder

1 maand geleden

De Rijdende Columnist Schrijft:

Gemis 

Sommige honden zijn heel eenkennig, terwijl andere honden daar totaal geen last van hebben. Bindi valt in die laatste categorie: toen het tijd was om van haar eerste baasje Nora afscheid te nemen, jankte ze even, om daarna vrolijk achter mij aan te rennen. Alsof ze zeggen wilde: mag ik nu met jou mee? Op dat moment was ik zo blij, maar in mijn achterhoofd fluisterde een stemmetje: zal ze ook zo makkelijk met iemand anders meegaan als jij haar zal moeten laten gaan? Het eerlijke antwoord is ja. Toen André Bindi 2 februari definitief kwam ophalen, ging ze zonder enige aarzeling met hem mee, terwijl ik achter de gesloten deur in stukken brak.
In de maanden daarna bleef Bindi even makkelijk: ze vond het leuk om bij mij op visite te gaan, maar ging net zo lief met André weer mee naar huis. Ik zou liegen als ik zei dat dat gemak, niet een beetje stak. Miste ze mij dan helemaal niet?!
De verandering kwam met de komst van Taeke. Ik kreeg van Hulphond Nederland het advies om Bindi en Taeke eerst buiten aan elkaar voor te stellen en om in het daaropvolgende bezoek pas naar binnen te gaan. Zo gezegd, zo gedaan. De kennismaking buiten ging goed, het was pas bij het afscheid dat ik iets van verwarring in Bindi’s ogen zag. Even dacht ik zelfs dat ze naar mij toe wilde in plaats van in André’s auto te springen, maar dat moment was in een flits voorbij.
Taeke hoort al een tijdje bij mij, maar ik denk dat dat kwartje bij Bindi pas viel, toen ze weer bij mij binnenkwam. Nu zag ze die vreemde hond opnieuw, in haar huis. Op een nieuw kleed, maar op haar plek, op haar poef! Wacht eens even, ze was toch niet… vervangen?
Bindi mag dan al een tijdje niet meer bij mij wonen, onze band blijkt nog steeds even sterk. Ik zag het kwartje bij haar vallen en voelde haar pijn. Onzeker keek Bindi van Taeke naar mij en weer terug. Mijn hart brak. ‘Hé, schoonheid. Kom eens hier.’
Dat deed Bindi: moeizaam stond ze op en kwam naast me staan op die manier zoals ze de afgelopen jaren zo vaak had gedaan. Nog even en ik ging zelf huilen, maar dat deed ik niet. In plaats daarvan gaf ik Taeke die er niet-begrijpend naast stond, een aai en zei: ‘Bin, je kent Taeke al, hij doet alles wat jij voor me moest doen, dingen oprapen en zo.’
Ik liet mijn vingers door Bindi’s dikke vacht gaan. ‘Maar dat betekent niet dat jij vervangen bent, zo mag je niet denken. Jij mag gewoon bij André van jouw pensioen genieten en doen waar je zin in hebt. Dat is toch fijn?’
Taeke kwam nieuwsgierig dichterbij en ik liet mijn hand beurtelings over zijn gladde en Bindi’s ruige vacht gaan. ‘Als ik de afgelopen maanden iets geleerd heb, is het dat mijn hart groot genoeg is voor jullie allebei.’
‘Ik denk dat het tijd wordt om te gaan’, zei André zachtjes en hij stond op.
Als afscheid duwde Bindi haar neus nog even tegen mijn hand, alsof ze zeggen wilde: ik heb het fijn, maar ik mis jou ook wel hoor, baas.
Ik mis jou ook, lieve pannenkoek. Nog iedere dag. Niet iedereen begrijpt dat. Je hebt het toch fijn met Taeke?, vragen ze dan als ik dat zeg. Ja, ik heb het heerlijk met Taeke, maar Taeke is Bindi niet. Ik mis Bindi’s aanwezigheid nog steeds en ik vermoed dat dat gemis zal blijven, misschien wel voor altijd. Ergens vind ik dat ook wel mooi, het bewijst hoe fijn wij het samen hebben gehad. 
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Robin Corbee Schrijft

Reactie op Facebook

Tranen in mijn ogen

De Rijdende Columnist Schrijft:

31 Bloemen

Sinterklaas heeft ons land verlaten, wat betekent dat de kerstman in aantocht is. En met hem ook die irritante kleine kerstkaartjes. Ik weet dat het heel gebruikelijk is om iemand voor een feestelijke gebeurtenis, een kaartje te sturen of een bloemetje te geven, maar… Lieve lezer, de kans is klein dat ze het bij mij niet overleven.
Laat ik bij het kaartje beginnen. Allereerst is daar de envelop, die ik zelden zelf open krijg. In het zeldzame geval dat het mij wel lukt, raakt de inhoud hierbij meestal licht beschadigd. Zwetend hou ik het kaartje vast, om vervolgens niet te weten wat ik ermee aan moet. Ik heb geen bord waar ik het kaartje op kan hangen en ben geen held met plakband. Het resultaat is dat de lieve attentie op de grond belandt, waar hij nog eens extra wordt versierd met een bandenspoor.
Dan zijn er nog de bloemen. Daar kan ik kort over zijn: die gaan bij mij dood, dat krijg je als je ze zelf niet makkelijk water kunt geven. Toch blijkt er een vergulde middenweg te zijn, die vrienden Ruud en Heleen hebben gevonden.
‘Post’, zei mijn fysiotherapeut en gaf mij de envelop. ‘Hulp nodig?’, vroeg hij, toen hij mij benauwd zag kijken.
Ik knikte. Deze envelop wilde ik niet slopen, de naam van mijn zus stond er ook op, iets wat zelden voorkomt. Wat er uit de envelop kwam, was een lieve kaart en toen ik die opende, zag ik kleurrijke bloemen van papier. Ik weet niet of dit 31 bloemetjes zijn, stond er achterop de kaart geschreven, maar dat neem ik gewoon maar aan.
Glimlachend liet ik mijn wijsvinger langs de kleine bloemen gaan. Opeens kwam er een herinnering bij mij boven van een schilderij vol viooltjes, dat mama ooit voor mijn zus Luca had gemaakt. Konden Ruud en Heleen zich dat schilderij ook nog herinneren?
Kaarten en bloemen blijven voor mij onpraktisch, maar ik denk dat deze bloemetjeskaart, nog heel lang zal blijven bestaan.
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Neem dan een kijkje op mijn pagina: Robin Corbee Schrijft
... Bekijk meerBekijk minder

2 maanden geleden

De Rijdende Columnist Schrijft:

31 Bloemen 

Sinterklaas heeft ons land verlaten, wat betekent dat de kerstman in aantocht is. En met hem ook die irritante kleine kerstkaartjes. Ik weet dat het heel gebruikelijk is om iemand voor een feestelijke gebeurtenis, een kaartje te sturen of een bloemetje te geven, maar… Lieve lezer, de kans is klein dat ze het bij mij niet overleven.
Laat ik bij het kaartje beginnen. Allereerst is daar de envelop, die ik zelden zelf open krijg. In het zeldzame geval dat het mij wel lukt, raakt de inhoud hierbij meestal licht beschadigd. Zwetend hou ik het kaartje vast, om vervolgens niet te weten wat ik ermee aan moet. Ik heb geen bord waar ik het kaartje op kan hangen en ben geen held met plakband. Het resultaat is dat de lieve attentie op de grond belandt, waar hij nog eens extra wordt versierd met een bandenspoor.
Dan zijn er nog de bloemen. Daar kan ik kort over zijn: die gaan bij mij dood, dat krijg je als je ze zelf niet makkelijk water kunt geven. Toch blijkt er een vergulde middenweg te zijn, die vrienden Ruud en Heleen hebben gevonden.
‘Post’, zei mijn fysiotherapeut en gaf mij de envelop. ‘Hulp nodig?’, vroeg hij, toen hij mij benauwd zag kijken.
Ik knikte. Deze envelop wilde ik niet slopen, de naam van mijn zus stond er ook op, iets wat zelden voorkomt. Wat er uit de envelop kwam, was een lieve kaart en toen ik die opende, zag ik kleurrijke bloemen van papier. Ik weet niet of dit 31 bloemetjes zijn, stond er achterop de kaart geschreven, maar dat neem ik gewoon maar aan.
Glimlachend liet ik mijn wijsvinger langs de kleine bloemen gaan. Opeens kwam er een herinnering bij mij boven van een schilderij vol viooltjes, dat mama ooit voor mijn zus Luca had gemaakt. Konden Ruud en Heleen zich dat schilderij ook nog herinneren?
Kaarten en bloemen blijven voor mij onpraktisch, maar ik denk dat deze bloemetjeskaart, nog heel lang zal blijven bestaan.
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Neem dan een kijkje op mijn pagina: Robin Corbee Schrijft

De Rijdende Columnist Schrijft:

Cadeautjeshonger

Happy birthday to me! Wanneer jullie dit lezen, ben ik 31 geworden. Als kind is jouw verjaardag superbelangrijk. Je telt de dagen af, totdat je eindelijk al die cadeautjes mag uitpakken! Als volwassene, wordt dat gevoel minder.
Toen pap en mam mij vroegen wat ik voor mijn verjaardag wilde, moest ik echt diep nadenken. Ik heb niet veel wensen dit jaar, want Taeke is het mooiste cadeau dat ik had kunnen krijgen. Ik had geen verassingen verwacht, dus ik was verbaasd toen ik een cadeautje in mijn werkkamer vond. ‘Wat doet dit hier?’, vroeg ik Sintjin. ‘Waarom heb je mama’s chocoladeletter hier neergelegd?’
‘Het is geen chocoladeletter’, zei Sintjin met een ondeugende schittering in zijn ogen, ‘kijk eens goed.’
Op dat moment zag ik mijn eigen naam op de verpakking staan en begonnen mijn vingers te tintelen. Het was voor mij, wat zat erin? Ik had het eerste plakbandje al bijna losgemaakt, toen: ‘Het is voor je verjaardag.’
‘Wat?’ Verbaasd keek ik Sintjin aan. ‘Maar ik ben woensdag pas jarig.’
‘Weet ik. En daarom moet je het nu ook niet openmaken.’
Tot mijn eigen verbazing, vond ik dat helemaal niet leuk en realiseerde ik me dat kleine Robin, nog steeds diep binnenin me zat. Kleine Robin, wiens honger naar cadeautjes, nooit helemaal te stillen was. Mijn ouders wisten dat en deden daarom hun best om de cadeautjes te verbergen, tot de feestelijke dag – mijn verjaardag of Sinterklaasavond – was aangebroken. Het lukte ze altijd, met uitzondering van één jaar.
Volgens mij stond ik op het punt om acht te worden, toen mijn ouders hadden besloten om de cadeautjes onder Luca’s bed te verstoppen. Onze kamers zaten aan elkaar vast, alleen de deur ontbrak. Pap en mam wisten dat ik nooit in haar gedeelte van de kamer kwam en ze hadden gelijk, ik kwam er nooit. Maar mijn vriendin Jonnemei die die zondagmiddag kwam spelen, wel.
Jonnemei huppelde door de kamer, gluurde onder het bed en riep verrukt: ‘Robin, er ligt hier een hele zak met cadeautjes!’
Ik sprong van puur enthousiasme, bijna uit mijn rolstoel. ‘Pak die zak, leg hem op mijn bed!’
Zonder erbij na te denken, begonnen we pakje na pakje open te scheuren, totdat er alleen nog maar cadeaupapier over was en ik glunderend naar de woonkamer ging. ‘Pap, zwarte Piet is in Luca’s slaapkamer geweest en heeft daar een hele zak met pakjes achtergelaten. Moet je kijken wat ik allemaal heb gekregen!’
Ik zal het gezicht van mijn vader nooit meer vergeten: ik had zelfs de cadeautjes voor Luca opengemaakt. Nu ik eraan terugdenk, verbaast het me dat ik daarna nog in Sinterklaas geloofde, want mijn verjaardag en pakjesavond waren wel erg karig dat jaar.
Ik denk dat hou oud je ook wordt, cadeautjes je nog steeds nieuwsgierig kunnen maken, het kind in ons naar boven kunnen halen. Maar zodra je het pakpapier hebt weggerukt, is de magie verbroken. Daarom legde de dertigjarige ik, het cadeautje voorzichtig weer terug waar ik het had gevonden.
‘Wat doe je?’, vroeg Sintjin verrast. ‘Van mij mag je het nu ook wel openmaken, hoor. Wat maakt dat nou uit?’
‘Ik voel me liever jarig op het moment dat ik ook echt jarig ben’, antwoordde ik schouderophalend.
‘Mij best, je redt het toch niet tot woensdag.’
Ik had Sintjin bijna gelijk moeten geven, want toen hij de volgende dag naar huis ging, moest ik alles op alles zetten om het cadeau niet alsnog open te maken. Maar ik heb het niet gedaan. Wat er vandaag ook gebeurt, wat er uiteindelijk ook in blijkt te zitten, deze prestatie heb ik tenminste op zak. Pap en mam zullen trots op me zijn.
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Neem een kijkje op mijn pagina: Robin Corbee Schrijft
... Bekijk meerBekijk minder

2 maanden geleden

De Rijdende Columnist Schrijft:

Cadeautjeshonger 

Happy birthday to me! Wanneer jullie dit lezen, ben ik 31 geworden. Als kind is jouw verjaardag superbelangrijk. Je telt de dagen af, totdat je eindelijk al die cadeautjes mag uitpakken! Als volwassene, wordt dat gevoel minder. 
Toen pap en mam mij vroegen wat ik voor mijn verjaardag wilde, moest ik echt diep nadenken. Ik heb niet veel wensen dit jaar, want Taeke is het mooiste cadeau dat ik had kunnen krijgen. Ik had geen verassingen verwacht, dus ik was verbaasd toen ik een cadeautje in mijn werkkamer vond. ‘Wat doet dit hier?’, vroeg ik Sintjin. ‘Waarom heb je mama’s chocoladeletter hier neergelegd?’
‘Het is geen chocoladeletter’, zei Sintjin met een ondeugende schittering in zijn ogen, ‘kijk eens goed.’
Op dat moment zag ik mijn eigen naam op de verpakking staan en begonnen mijn vingers te tintelen. Het was voor mij, wat zat erin? Ik had het eerste plakbandje al bijna losgemaakt, toen: ‘Het is voor je verjaardag.’
‘Wat?’ Verbaasd keek ik Sintjin aan. ‘Maar ik ben woensdag pas jarig.’
‘Weet ik. En daarom moet je het nu ook niet openmaken.’
Tot mijn eigen verbazing, vond ik dat helemaal niet leuk en realiseerde ik me dat kleine Robin, nog steeds diep binnenin me zat. Kleine Robin, wiens honger naar cadeautjes, nooit helemaal te stillen was. Mijn ouders wisten dat en deden daarom hun best om de cadeautjes te verbergen, tot de feestelijke dag – mijn verjaardag of Sinterklaasavond – was aangebroken. Het lukte ze altijd, met uitzondering van één jaar.
Volgens mij stond ik op het punt om acht te worden, toen mijn ouders hadden besloten om de cadeautjes onder Luca’s bed te verstoppen. Onze kamers zaten aan elkaar vast, alleen de deur ontbrak. Pap en mam wisten dat ik nooit in haar gedeelte van de kamer kwam en ze hadden gelijk, ik kwam er nooit. Maar mijn vriendin Jonnemei die die zondagmiddag kwam spelen, wel.
Jonnemei huppelde door de kamer, gluurde onder het bed en riep verrukt: ‘Robin, er ligt hier een hele zak met cadeautjes!’
Ik sprong van puur enthousiasme, bijna uit mijn rolstoel. ‘Pak die zak, leg hem op mijn bed!’
Zonder erbij na te denken, begonnen we pakje na pakje open te scheuren, totdat er alleen nog maar cadeaupapier over was en ik glunderend naar de woonkamer ging. ‘Pap, zwarte Piet is in Luca’s slaapkamer geweest en heeft daar een hele zak met pakjes achtergelaten. Moet je kijken wat ik allemaal heb gekregen!’
Ik zal het gezicht van mijn vader nooit meer vergeten: ik had zelfs de cadeautjes voor Luca opengemaakt. Nu ik eraan terugdenk, verbaast het me dat ik daarna nog in Sinterklaas geloofde, want mijn verjaardag en pakjesavond waren wel erg karig dat jaar. 
Ik denk dat hou oud je ook wordt, cadeautjes je nog steeds nieuwsgierig kunnen maken, het kind in ons naar boven kunnen halen. Maar zodra je het pakpapier hebt weggerukt, is de magie verbroken. Daarom legde de dertigjarige ik, het cadeautje voorzichtig weer terug waar ik het had gevonden.
‘Wat doe je?’, vroeg Sintjin verrast. ‘Van mij mag je het nu ook wel openmaken, hoor. Wat maakt dat nou uit?’
‘Ik voel me liever jarig op het moment dat ik ook echt jarig ben’, antwoordde ik schouderophalend.
‘Mij best, je redt het toch niet tot woensdag.’
Ik had Sintjin bijna gelijk moeten geven, want toen hij de volgende dag naar huis ging, moest ik alles op alles zetten om het cadeau niet alsnog open te maken. Maar ik heb het niet gedaan. Wat er vandaag ook gebeurt, wat er uiteindelijk ook in blijkt te zitten, deze prestatie heb ik tenminste op zak. Pap en mam zullen trots op me zijn.
#derijdendecolumnist

Meer lezen? Neem een kijkje op mijn pagina: Robin Corbee Schrijft

Reactie op Facebook

Gefeliciteerd met je verjaardag, Robin. 🎂🎉🎊🎁🎈🎈🎈✨

gefeliciteer Robin en een hele fijne dag

van harte gefeliciteerd Robin.

Gefeliciteerd! 💐🎂